Inhoudsopgave
7 relaties: Basale transcriptiefactoren, Denaturatie (biochemie), DNA (biologie), Eiwitten, Promotor (genetica), RNA-polymerase II, Transcriptie (biologie).
Basale transcriptiefactoren
De basale transcriptiefactoren zijn de transcriptiefactoren die binden aan de core promotor op het DNA.
Bekijken Basale transcriptiecomplex en Basale transcriptiefactoren
Denaturatie (biochemie)
Onder denatureren wordt in de biochemie het verlies van de ruimtelijke structuur van bepaalde stoffen verstaan, zoals een eiwit of een nucleïnezuur, waardoor eigenschappen en werking vaak sterk veranderen.
Bekijken Basale transcriptiecomplex en Denaturatie (biochemie)
DNA (biologie)
basenparen uitvergroot. Desoxyribonucleïnezuur, beter bekend als DNA,DNA is een afkorting van het Engelse deoxyribonucleic acid.
Bekijken Basale transcriptiecomplex en DNA (biologie)
Eiwitten
α-helices toont Eiwitten of proteïnen vormen een grote klasse van biologische moleculen, die bestaan uit polymere ketens van aminozuren.
Bekijken Basale transcriptiecomplex en Eiwitten
Promotor (genetica)
Een promotor (Engels: promoter) is een DNA-element voor een gen of genen dat de expressie (werking) van het/de gen(en) reguleert.
Bekijken Basale transcriptiecomplex en Promotor (genetica)
RNA-polymerase II
doi.
Bekijken Basale transcriptiecomplex en RNA-polymerase II
Transcriptie (biologie)
Transcriptie is het biologische proces waarbij de nucleotidevolgorde van een stuk DNA naar messenger-RNA (mRNA) wordt overgeschreven.
Bekijken Basale transcriptiecomplex en Transcriptie (biologie)

