Inhoudsopgave
7 relaties: Bodem, Cryosol, Cryoturbatie, Glaciaal sediment, Noordpoolgebied, Permafrost, Veengronden.
Bodem
Bodemprofiel van de bovenlaag van het aardoppervlak De bodem is de bovenste laag van de aardkorst, maar de definitie in de bodemkunde is specifieker, namelijk die laag van de aardkorst die door planten beworteld wordt (de rhizosfeer), of waarin zich bodemvormende processen afspelen.
Bekijken Histels en Bodem
Cryosol
Cryosol (Groenland) Een Cryosol (in de World Reference Base for Soil Resources) is een bodem in een omgeving met permafrost.
Bekijken Histels en Cryosol
Cryoturbatie
Voorbeeld van cryoturbatie in Canada Cryoturbatie of kryoturbatie is het vermengen van bodemmateriaal uit verschillende bodemhorizonten door afwisselend bevriezen en ontdooien.
Bekijken Histels en Cryoturbatie
Glaciaal sediment
Noord-Jutland, Denemarken. De bovenste roodbruine laag is afgezet tijdens het Weichselien, het dikke oranje-bruine pakket er onder stamt waarschijnlijk uit het Elsterien Een glaciaal sediment is een sediment dat is afgezet door een gletsjer.
Bekijken Histels en Glaciaal sediment
Noordpoolgebied
De blauwe stippellijn is de noordpoolcirkel, de rode lijn is de 10°C-juli-isotherm. De noordpool. noordpoolgebied (kunstzinnige weergave). Het noordpoolgebied (ook wel de arctis of Arctica genoemd) is het gebied rond de Noordpool van de Aarde.
Bekijken Histels en Noordpoolgebied
Permafrost
de grond is minder dan 15 dagen per jaar bevroren Doorsnede van permafrost met een ijswig net onder het oppervlak. Permafrost, vanuit het Russisch soms ook merzlota ("bevroren grond") genoemd, is het verschijnsel dat in bepaalde gebieden nabij de polen en in het hooggebergte de ondergrond nooit helemaal ontdooit.
Bekijken Histels en Permafrost
Veengronden
Veengronden zijn alle gronden die in de bovenste 80 cm voor meer dan de helft uit moerig of veenachtig materiaal bestaan.
Bekijken Histels en Veengronden

