Inhoudsopgave
4 relaties: Beroep, Functie (positie), Geloofsbelijdenis, Kloostergeloften.
Beroep
Beroepen op een negentiende-eeuwse centsprent: papiermaker, graveur, boekdrukker, boekbinder, apotheker, goudsmid, koperslager, klokkengieter, hoedenmaker, kapper, verver, leerlooier, glasblazer, wagenmaker, zadelmaker, pottenbakker, schoenmaker, kleermaker, schilder en wever. Een beroep of vak, ook wel aangeduid als stiel, metier (van het Franse 'métier') of professie, is een samenhangend geheel van arbeidstaken die voor de uitvoering een bepaalde vakkennis en -kunde vereisen, en dat losstaand van de individuele beroepsbeoefenaar kan voortbestaan en voor de maatschappij herkenbaar is.
Bekijken Professie en Beroep
Functie (positie)
Een functie (ook: positie, rol of beroep) is een standaard verzameling van taken, rechten en plichten voor een persoon binnen een bepaald domein, bijvoorbeeld binnen een instantie zoals een bedrijf of vereniging, maar ook bijvoorbeeld binnen een project.
Bekijken Professie en Functie (positie)
Geloofsbelijdenis
Een geloofsbelijdenis is een geheel van artikelen waarin een geloof is samengevat, of een belangrijke formulering of spreuk die de kern van een religie uitdrukt.
Bekijken Professie en Geloofsbelijdenis
Kloostergeloften
De kloostergeloften of religieuze geloften zijn de publieke geloften van armoede, zuiverheid en gehoorzaamheid die door kloosterlingen en andere religieuzen in de Rooms-Katholieke Kerk, de Anglicaanse Kerk en de oosters-orthodoxe kerken worden afgelegd.
Bekijken Professie en Kloostergeloften

