Inhoudsopgave
41 relaties: Affricaat, Allofoon, Alveolaar, Approximant, Articulatie (spraak), Assibilatie, Bilabiaal, Deletie (taalkunde), Dentaal, Eclipsis, Eerste Germaanse klankverschuiving, Engels, Eskimo-Aleoetische talen, Fonemische neutralisatie, Fricatief, Gaelische talen, Gemarkeerdheid, Germaanse talen, Grafeem, Halfklinker, Historische taalkunde, Internationaal Fonetisch Alfabet, Ket (taal), Lateraal (fonetiek), Leenwoord, Lenitie, Lettergreep, Lijst van dialecten van de wereld - I, Liquida, Medeklinker, Medeklinkermutatie, Nivellering (taalkunde), Oeraalse talen, Optimaliteitstheorie, Palataal, Palatalisatie, Plosief, Romaanse talen, Semitische talen, Spaans, Spraak.
- Morfologie (taalkunde)
Affricaat
Een affricaat is een combinatie van twee medeklinkerklanken, waarvan de eerste een (bijvoorbeeld dentale) plosief is en de tweede een homorgane (bijvoorbeeld palato-alveolare) wrijfklank.
Bekijken Fortitie en Affricaat
Allofoon
Een allofoon is in de spraak een uitspraakvariant van één bepaalde, minimale (distinctieve) klank, die niet tot betekenisverandering leidt.
Bekijken Fortitie en Allofoon
Alveolaar
Alveolaar Alveolaar of alveolair betekent in de fonetiek de vorming van een klank door de tong met de bovenste tandkas of superieure alveolare rand (Lat. alveolus.
Bekijken Fortitie en Alveolaar
Approximant
Een approximant of klinkerachtige is een medeklinker die kan worden gezien als liggend tussen een klinker en een "typische" medeklinker.
Bekijken Fortitie en Approximant
Articulatie (spraak)
Articulatie is de beweging in de mond- en keelholte ten behoeve van spraakproductie.
Bekijken Fortitie en Articulatie (spraak)
Assibilatie
Assibilatie of assibilering is in de spraak het verschijnsel dat de articulatie van een plosief, zoals /p/ of /t/, verandert in die van een affricaat of sibilant, zoals /s/ of /z/.
Bekijken Fortitie en Assibilatie
Bilabiaal
Bilabiaal Bilabiaal betekent in de fonetiek de vorming van een klank door beide lippen (Lat. bi, "twee", labium, "lip") met elkaar contact te laten houden.
Bekijken Fortitie en Bilabiaal
Deletie (taalkunde)
Met deletie wordt het in de spraak weglaten van een of meer klanken bedoeld, die soms nog wel worden geschreven.
Bekijken Fortitie en Deletie (taalkunde)
Dentaal
Dentaal Dentaal (Lat.: dens, dentes; tand, tanden), dentale medeklinker of tandklank is in de fonetiek de naam voor een klank, gevormd door de tong met de bovenste tanden (Lat. dens -dentis) contact te laten houden.
Bekijken Fortitie en Dentaal
Eclipsis
Eclipsis is in de geschiedenis van de fonologie van een aantal talen, zoals het Goidelisch, een vorm van regressieve assimilatie waarbij een medeklinker aan het begin van een nieuw woord onder invloed van de laatste klank van het voorafgaande woord een bepaalde fonetische verandering ondergaat, bijvoorbeeld van stemloos naar stemhebbend of omgekeerd, of zelfs helemaal verdwijnt.
Bekijken Fortitie en Eclipsis
Eerste Germaanse klankverschuiving
De eerste Germaanse klankverschuiving of Wet van Grimm is een onderscheid tussen de Germaanse talen en het Proto-Indo-Europees (PIE, de gezamenlijke voorouder van alle Indo-Europese talen).
Bekijken Fortitie en Eerste Germaanse klankverschuiving
Engels
Het Engels (English) is een Indo-Europese taal, die vanwege de nauwe verwantschap met talen als het Fries, (Neder-)Duits en Nederlands tot de West-Germaanse talen wordt gerekend.
Bekijken Fortitie en Engels
Eskimo-Aleoetische talen
De Eskimo-Aleoetische talen zijn een talenfamilie afkomstig uit Groenland, het noorden van Canada, Alaska en delen van Siberië.
Bekijken Fortitie en Eskimo-Aleoetische talen
Fonemische neutralisatie
Fonetische neutralisatie of fonemische neutralisatie is het verschijnsel dat een foneem onder invloed van bepaalde fonologische contexten op een zodanige manier verandert dat het hetzelfde gaat klinken als een ander foneem in dezelfde taal.
Bekijken Fortitie en Fonemische neutralisatie
Fricatief
Een fricatief of wrijfklank is een medeklinker die geproduceerd wordt met een gedeeltelijke obstructie ergens in het spraakkanaal.
Bekijken Fortitie en Fricatief
Gaelische talen
De Gaelische of Goidelische talen zijn een subgroep van (afhankelijk van de classificatie) de Q-Keltische talen en/of de Eiland-Keltische talen.
Bekijken Fortitie en Gaelische talen
Gemarkeerdheid
Gemarkeerdheid is in de taalkunde een term waarmee de mogelijke "verschijningsvormen" van woorden met elkaar worden vergeleken om er één als optimaal uit te kiezen.
Bekijken Fortitie en Gemarkeerdheid
Germaanse talen
Zweeds De Germaanse talen vormen een subgroep van de Indo-Europese talen.
Bekijken Fortitie en Germaanse talen
Grafeem
Een grafeem is het kleinste deel van een woord dat in de geschreven taal een of soms enkele klanken representeert en komt min of meer overeen met wat gewoonlijk een letter wordt genoemd.
Bekijken Fortitie en Grafeem
Halfklinker
Halfklinker (ofwel de vakterm semivocaal) of glijklank is de benaming voor een aantal spraakklanken waarvan de articulatie in wezen die van een klinker is, maar met het uitspreken waarvan een zekere vernauwing van het spraakkanaal gepaard gaat zoals bij een medeklinker, hoewel geen volledige obstructie.
Bekijken Fortitie en Halfklinker
Historische taalkunde
De historische taalkunde, ook wel diachronische of diachrone taalkunde, is de studie van taalverandering en dan meer de aard daarvan dan de taalverandering zelf.
Bekijken Fortitie en Historische taalkunde
Internationaal Fonetisch Alfabet
Kaart van het Internationaal Fonetisch Alfabet Het Internationaal Fonetisch Alfabet of IPA (Engelse afkorting van: International Phonetic Alphabet) is een notatiesysteem voor de klanken die in menselijke spraak voorkomen.
Bekijken Fortitie en Internationaal Fonetisch Alfabet
Ket (taal)
Het Ket (Остыганна ӄа’, Ostyganna ka, Russisch: Кет), vroeger bekend als Jenisej-Ostjaaks, is de taal van het volk der Ketten, die leven in de Russische kraj Krasnojarsk in Siberië.
Bekijken Fortitie en Ket (taal)
Lateraal (fonetiek)
Een lateraal is een "L"-achtige medeklinker waarvan de klank wordt gevormd door een occlusie langs de as van de tong, terwijl lucht uit de longen langs een of beide kanten van de tong ontsnapt.
Bekijken Fortitie en Lateraal (fonetiek)
Leenwoord
Een leenwoord is een woord dat door een taal is ontleend aan een andere taal.
Bekijken Fortitie en Leenwoord
Lenitie
Lenitie, ook wel mouillering of medeklinkerverzachting geheten is het in de spraak veel voorkomende verschijnsel dat van oorsprong harde medeklinkers ofwel plosieven gaandeweg zachter worden gearticuleerd.
Bekijken Fortitie en Lenitie
Lettergreep
Een lettergreep of syllabe is een klankgroep binnen een woord die minimaal uit een klinker bestaat.
Bekijken Fortitie en Lettergreep
Lijst van dialecten van de wereld - I
Deze lijst van dialecten is zeker niet compleet en de aanduiding 'dialect' zal voor diverse van de genoemde variëteiten zeker omstreden zijn.
Bekijken Fortitie en Lijst van dialecten van de wereld - I
Liquida
Liquida, liquide of vloeiklank is in de taalkunde de aanduiding voor l-achtige en r-achtige klanken, respectievelijk de lateralen en de tremulanten of rhotics.
Bekijken Fortitie en Liquida
Medeklinker
Medeklinkers of consonanten zijn spraakklanken waarvan de uitspraak begint met niet geblokkeerde stemspleet.
Bekijken Fortitie en Medeklinker
Medeklinkermutatie
Een medeklinkermutatie of consonantmutatie is elke klankverschuiving waarbij een medeklinker verandert als gevolg van zijn morfologische en/of syntactische omgeving.
Bekijken Fortitie en Medeklinkermutatie
Nivellering (taalkunde)
Nivellering (Eng. morphological leveling) of gelijkschakeling is in de morfologie het verschijnsel dat de flexie van een woord – bijvoorbeeld een werkwoord of zelfstandig naamwoord – wordt veralgemeniseerd, dat wil zeggen dat het betreffende paradigma van verbogen vormen op grond van analogie wordt uitgebreid naar andere vergelijkbare gevallen waarvoor eerst een ander paradigma gold.
Bekijken Fortitie en Nivellering (taalkunde)
Oeraalse talen
Geografische verspreiding van de Oeraalse en Joekagierse talen De Oeraalse talen, ook wel Oeralische talen genoemd, vormen een taalfamilie die ongeveer dertig talen omvat, met in totaal ongeveer 20 miljoen sprekers.
Bekijken Fortitie en Oeraalse talen
Optimaliteitstheorie
Optimaliteitstheorie (OT) is een in de vroege jaren negentig door de Amerikaanse taalkundigen Paul Smolensky, Alan Prince en John McCarthy ontwikkeld model van taalkundige structuur.
Bekijken Fortitie en Optimaliteitstheorie
Palataal
Palataal Palataal betekent in de fonetiek de vorming van een spraakklank (klinker (klank) of medeklinker) door de tong met het harde verhemelte (Lat. palatum) contact te laten houden.
Bekijken Fortitie en Palataal
Palatalisatie
Palatalisatie of palatalisering – in iets algemenere zin ook wel verzachting of mouillering genoemd – is een klankverschuiving waarbij de articulatie van een medeklinker - meestal onder invloed van een naburige klank - verschuift in de richting van het harde verhemelte, het palatum.
Bekijken Fortitie en Palatalisatie
Plosief
Een plosief, occlusief of plofklank is een medeklinker die gekenmerkt wordt door een belangrijke graad van obstructie.
Bekijken Fortitie en Plosief
Romaanse talen
Catalaans De Romaanse talen zijn een tak van de Indo-Europese taalfamilie.
Bekijken Fortitie en Romaanse talen
Semitische talen
Verspreiding van de Semitische talen. De Semitische talen vormen een noordoostelijke subfamilie van de Afro-Aziatische talen.
Bekijken Fortitie en Semitische talen
Spaans
Spaans (español) of Castiliaans (Spaans: castellano) is een Romaanse taal en, qua moedertaalsprekers, na het Mandarijn de meest gesproken taal ter wereld.
Bekijken Fortitie en Spaans
Spraak
Spraak is het geheel aan talige klanken die door het menselijk lichaam met behulp van lucht uit de longen, de stem en het spraakkanaal worden voortgebracht.
Bekijken Fortitie en Spraak
Zie ook
Morfologie (taalkunde)
- Ablaut
- Afleiding (taalkunde)
- Allomorf
- Alternantie (taalkunde)
- Augment (taalkunde)
- Bgadkfat
- Causatief
- Conversie (taalkunde)
- Declinatie (taalkunde)
- Deflexie (taalkunde)
- Dvandva
- Elatief (gradatie)
- Flexie (taalkunde)
- Fortitie
- Geslacht (taalkunde)
- Grammaticale markeerder
- Grammatische wisseling
- Inhoudswoord
- Leemte in de taal
- Lenitie
- Medeklinkermutatie
- Meertalige woordspeling
- Metanalyse
- Morfofonologie
- Morfologie (taalkunde)
- Morfologische typologie
- Naamwoord
- Nivellering (taalkunde)
- Nominale klasse
- Onverbogen woord
- Perifrase (taalkunde)
- Pluractionaliteit
- Productiviteit (taalkunde)
- Radicaal (Semitische taal)
- Ras-syndroom
- Rechterhandhoofdregel
- Reduplicatie
- Retrograde vorming
- Samenstelling (taalkunde)
- Sterk werkwoord
- Substantivering
- Suppletie (taalkunde)
- Syncretisme (taalkunde)
- Vergrootwoord
- Verkleinwoord
- Woordvorming
- Zwak werkwoord

